Overlijden Martin Th. Lenssen, grondlegger Lenssen Advies

Woensdag 17 februari bereikte ons het droevige bericht dat de heer Martin Th. Lenssen, in januari 1962 grondlegger van Lenssen Advies, op 91 jarige leeftijd is overleden.

In januari 1962 is de heer Martin Th. Lenssen in Hegelsom gestart met de opbouw van destijds een overwegend agrarische praktijk, welke gaandeweg de jaren negentig is omgevormd naar een Adviespraktijk met een klantenkring in een grote verscheidenheid van sectoren vanuit een viertal vestigingen in Horst aan de Maas, Peel en Maas, Venray en Boedapest.

Tot op hoge leeftijd bleef de heer Martin Th. Lenssen, vader van onze vennoten Marc en Peter Lenssen, betrokken bij de ontwikkelingen van onze kantoororganisatie.

Pilot webmodule beoordeling arbeidsrelatie beschikbaar

Per 1 mei 2016 heeft de Verklaring Arbeidsrelaties (VAR) plaatsgemaakt voor een nieuw systeem, de wet Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties (DBA). De wet DBA was bedoeld om meer zekerheid te verschaffen tussen zelfstandigen en werkgevers om schijnzelfstandigheid te voorkomen, bijvoorbeeld door het beschikbaar stellen van modelovereenkomsten. Uit onderzoek blijkt dat de wet DBA in zijn huidige vorm echter niet aan de verwachtingen voldoet. Het toenmalige kabinet heeft daarom besloten dat de huidige wet DBA wel van kracht blijft maar niet volledig wordt gehandhaafd totdat de wet meer zekerheid aan opdrachtgevers en opdrachtnemers kan bieden.

Om te komen tot het bieden van meer zekerheid omtrent het inhuren van zelfstandigen heeft het kabinet onlangs de pilot webmodule ter beoordeling arbeidsrelatie gelanceerd. De webmodule is ontwikkeld als hulpmiddel voor opdrachtgevers bij het beoordelen van de arbeidsrechtelijke relatie tussen opdrachtgever en opdrachtnemer.

Het is voor de opdrachtgever van groot (financieel) belang om te beoordelen of een zelfstandige wordt ingehuurd of dat er sprake is van een dienstbetrekking tussen de opdrachtgever en opdrachtnemer. Tussen het inhuren van een zelfstandige en het aangaan van een dienstbetrekking bestaan namelijk grote arbeidsrechtelijke en fiscale verschillen.

Voor wie is de webmodule?

De webmodule is bedoeld voor binnenlandse opdrachtgevers die een opdracht uitbesteden aan een binnenlandse opdrachtnemer. De module is niet bedoeld voor opdrachtnemers en brache- of sectorvertegenwoordigers.

Slechts een pilot

De huidige webmodule is bedoelt om opdrachtgevers te assisteren bij het beoordelen van de arbeidsrelatie. Aan de uitkomst van de module kunnen derhalve tijdens de pilotfase geen rechten worden ontleend. In de zomer van 2021 zal worden geëvalueerd of de webmodule kan worden ingezet om opdrachtgevers zekerheid in arbeidsrechtelijke situaties te verstrekken en of de webmodule een geschikt hulpmiddel ter uitvoering van de wet DBA is.

De pilot webmodule beoordeling arbeidsrelaties is te vinden via deze link. Op deze website is ook informatie te vinden over hoe bij te dragen is aan de ontwikkeling van de webmodule.

Heb je na het invullen van de webmodule nog twijfels over de juiste arbeidsrechtelijke kwalificatie van jouw opdracht? Neem dan gerust contact op met onze adviseurs.

NOW 3.2.

De NOW-regeling is bedoeld voor werkgevers die als gevolg van het coronavirus en overheidsmaatregelen kampen met een substantieel omzetverlies (ten minste 20%). Zij kunnen bij het UWV een aanvraag indienen voor een tegemoetkoming in de loonkosten, en hiervoor een voorschot ontvangen. Hiermee kunnen zij werknemers met een vast en met een flexibel contract doorbetalen.

Voor deelname aan NOW 3, maakt het niet uit of je wel of niet hebt deelgenomen aan een voorgaande tranche van de NOW. Als je geen beroep hebt gedaan op NOW 3.1 (oktober, november, december 2020) kan vanaf 15 februari 2021een NOW-aanvraag ingediend worden voor de NOW 3.2 (= 4e aanvraagperiode bij UWV). Je kunt de periode voor omzetverlies laten beginnen op 1 januari, 1 februari, of 1 maart. Indien je wel een beroep hebt gedaan op de voorgaande tranche van de NOW (NOW 3.1) moet de omzetperiode aansluiten op de periode gekozen in het tijdvak daarvoor. De referentiemaand voor de loonsom is voor de NOW 3 vastgesteld op juni 2020

Voor de NOW 3.2 is de beoogde aanvraagperiode 15 februari 2021 tot en met 14 maart 2021.

Tegemoetkoming NOW 3.2 (tijdvak 2, januari 2021 tot 1 april 2021)

Werkgevers die te maken hebben met tenminste 20% verwacht omzetverlies, kunnen bij UWV een tegemoetkoming voor deze 3 maanden aanvragen ter hoogte van maximaal 85% van de loonsom, gerelateerd aan het omzetverlies. Het omzetverlies wordt dan vastgesteld over een driemaandsperiode die start op 1 januari, 1 februari of 1 maart 2021 en volgt daarbij de systematiek van de NOW 1 en NOW 2.

Voor NOW 3.2, kan een te verwachten omzetverlies opgeven worden over een aaneengesloten periode van maximaal 3 maanden, die start op 1 januari, 1 februari, of 1 maart 2021. De omzet van totaal 2019 (referentieperiode) gedeeld door 4, wordt vergeleken met de (verwachte) omzet in de gekozen driemaandsperiode.

Berekening tegemoetkoming NOW 3.2 

De loonsom van de maand juni 2020 * 3 (3 maanden) * 1,4 (40% opslag voor werkgeverslasten) * 85% (subsidie) * het te verwachten omzetverlies (minimaal 20% t.o.v. het 3 maandsgemiddelde van 2019).

Vervolgens wordt door het UWV over dit bedrag 80% uitbetaald als voorschot verdeeld over 3 termijnen.

Jouw contactpersoon van Lenssen Advies zal contact met jou opnemen om de mogelijkheden te bespreken.

 

Corona-crisis raakt met name het kleinbedrijf

Enkele weken geleden is voor de eerste keer de Kleinbedrijf Index gepresenteerd. Het Kleinbedrijf zijn ondernemingen met maximaal 5 werknemers en omvat ruim 95% van alle ondernemingen in Nederland. Dit betreft ruim een miljoen ondernemingen. In de statistieken van het CBS over de ontwikkeling van de conjunctuur wordt het Kleinbedrijf echter niet opgenomen. De Kleinbedrijf Index is een nieuw initiatief om een beter inzicht te krijgen in de trends van de belangrijkste motor van de Nederlandse economie.

Enkele conclusies uit de eerste Index, die betrekking hebben op het 4e kwartaal van 2020 zijn:
– 47% van de ondernemers heeft omzet lager dan € 2.500 per maand;
– 46% van de ondernemers verdient onder het bijstandsniveau;
– 51% heeft een nettomarge lager of gelijk aan 10% van de omzet;
– Met name de sectoren horeca en detailhandel scoren slecht en dit zijn ook de sectoren die zwaar getroffen zijn door de Corona-crisis.

De levensvatbaarheid van de ondernemingen in het Kleinbedrijf is een belangrijke bron van zorg. Veel ondernemingen scoren op het vlak van omzet, ondernemersloon, nettomarges en solvabiliteit dus bijzonder laag. Dit betreft vooral startende ondernemers. Juist deze ondernemingen komen niet in aanmerking voor de steunmaatregelingen zoals de NOW-regeling en de TVL-regeling omdat bij deze regelingen gekeken wordt naar de omzet of personeelskosten uit voorgaande perioden. Het argument vanuit het kabinet, dat bij startende ondernemers het frauderisico te hoog is, stuit op veel onbegrip.

Een mogelijkheid om de Corona-crisis te overleven is het overhevelen van spaargelden vanuit privé naar de onderneming. Deze mogelijkheid is alleen aan te raden als in de kern sprake is van een bedrijf dat ook op lange termijn levensvatbaar is.

Hetzelfde geldt ook voor de regeling bij de Belastingdienst voor het vragen van uitstel van betaling. Deze regeling stopt op 30 juni 2021 en vanaf 1 juli 2021 dient weer regulier betaald te worden. Vanaf 1 oktober 2021 moet namelijk begonnen worden met het aflossen van de opgebouwde schulden tijdens de Corona-crisis. Dit kan gebeuren in 36 maandelijkse termijnen tot 1 oktober 2024. Uitstel van betaling is dus geen afstel van betaling. De afgelopen dagen komen vanuit het kabinet wel signalen, dat gekeken wordt naar mogelijkheden om belastingschulden van ondernemers kwijt te schelden.

Ook vanuit de bankensector worden overbruggingskredieten ter beschikking gesteld aan ondernemers om de Corona-crisis door te komen. Om voor een dergelijk krediet in aanmerking te komen is eveneens het belangrijkste uitgangspunt, dat op termijn sprake dient te zijn van een winstgevend bedrijf.

Enkele dagen geleden stond in een landelijk dagblad de juiste conclusie. De ondernemers in het Kleinbedrijf verdienen maatwerk vanuit het kabinet, maar het kabinet probeert deze Corona-crisis te managen met behulp van computers. Een verkeerde inschrijfdatum bij de Kamer van Koophandel en de computer van de overheid zegt zonder pardon ‘no’ tegen een steunverzoek van een ondernemer.

Onwerkbaar weer – WW-uitkering

De winter heeft toegeslagen, en hoe.

Als gevolg van Koning Winter is het voor sommige beroepsgroepen onmogelijk om het werk te verrichten en jij als ondernemer zal in actie moeten komen omdat er tijdelijk minder of geen werk is voor jouw werknemer(s).

Als dit voor jouw bedrijf van toepassing is, moet het UWV zo spoedig mogelijk geïnformeerd worden om WW bij onwerkbaar weer aan te vragen.

Het aanvragen bij het UWV kan echter alleen maar via E-herkenning. Het UWV heeft ons geïnformeerd dat zij op heel korte termijn een oplossing bieden voor ondernemingen die (nog) geen E-herkenning hebben.

Onderstaand in het kort de voorwaarden en procedure:

WW bij onwerkbaar weer

Bij extreem weer kan jouw bedrijf stil komen te liggen. Bijvoorbeeld bij strenge vorst, hoog water of sneeuw. Is er een direct verband tussen het werk en het extreme weer? Dan krijgen jouw werknemers mogelijk een WW-uitkering. In de cao of arbeidsovereenkomst staat of en wanneer jouw bedrijf in aanmerking komt voor deze regeling.

Wachtdagen

De eerste dagen waarop jouw werknemers niet kunnen werken zijn de wachtdagen. Bij vorst, ijzel, sneeuwval zijn er 2 wachtdagen per winterseizoen. Deze wachtdagen betaal je het loon nog zelf door. Voor deze wachtdagen kun je dus geen WW-uitkering krijgen. Als het onwerkbare weer langer duurt dan het aantal wachtdagen dat geldt, kun je voor jouw werknemers een WW-uitkering aanvragen.

Wanneer moet het onwerkbare weer worden gemeld?

Meld voor 10.00 uur dat jouw werknemers die dag niet kunnen werken door onwerkbaar weer. Deze melding geldt voor de hele dag. Doe de melding vanaf de allereerste dag dat jouw werknemers niet kunnen werken. En doe dit iedere dag opnieuw, zolang er sprake is van onwerkbaar weer. Let op: jouw werknemers mogen tijdens onwerkbaar weer niet aan het werk zijn, ook niet ergens anders. En ze mogen niet op de werkplek aanwezig zijn.

Welke voorwaarden gelden voor WW bij onwerkbaar weer?

Je moet er als werkgever alles aan gedaan hebben om te voorkomen dat het werk gestopt moet worden. Verder gelden er nog deze voorwaarden:

  • Jouw werknemer kan alleen door onwerkbaar weer niet werken. Er zijn dus geen andere redenen waarom hij niet kan werken;
  • Jouw werknemer kan per week minimaal 5 uur niet werken. Werkt hij normaal minder dan 10 uur per week? Dan moet hij per week minimaal de helft van zijn uren niet kunnen werken;
  • Het onwerkbare weer duurt langer dan het aantal wachtdagen dat geldt;
  • Je bent niet meer verplicht om loon door te betalen tijdens de periode van onwerkbaar weer;

Wil je de WW aanvragen? Gebruik dan het formulier ‘Aanvraag WW-uitkering wegens onwerkbaar weer’.

Dagen die niet meetellen voor WW wegens onwerkbaar weer

Tijdens periodes met onwerkbaar weer tellen de volgende dagen niet mee:

  • feestdagen;
  • bijzonder verlof;
  • rustdagen;
  • atv-uren en roostervrije dagen;
  • vakantiedagen, verlofdagen en verplichte snipperdagen;
  • al vastgestelde ‘extra verlofdagen’ voor oudere werknemers;
  • dagen waarop jouw werknemer in detentie is.

Jouw werknemer werkt voor meer dan 1 werkgever

Krijgt jouw werknemer via jou een WW-uitkering wegens onwerkbaar weer? En werkt hij in de periode dat hij deze uitkering krijgt bij een andere werkgever? Dan moet jouw werknemer de uren die hij heeft gewerkt bij deze werkgever(s) aan het UWV doorgeven. Hij doet dit met het formulier Opgave gewerkte uren tijdens WW wegens onwerkbaar weer.

Heeft u vragen of hulp nodig, neem dan contact op met uw loonadviseur.

NOW 3 Actueel

De geplande versoberingen in de NOW 3.3 zijn van de baan. Dat heeft het kabinet op donderdag 21 januari 2021 bekend gemaakt.

Het gaat dan om het tijdvak van 1 april 2021 tot 1 juli 2021 (= 5e UWV-aanvraagperiode). Voor de NOW 3.2 –  tijdvak 1 januari 2021 tot 1 april 2021 (= 4e UWV-aanvraagperiode ) – was daar al eerder toe besloten.

Verder zal tot 1 juli 2021 de maximale tegemoetkoming in de loonkosten verhoogd worden van 80% naar 85%.

Het coronavirus heeft aanhoudende impact op onze samenleving en economie; de vaccinaties bieden perspectief en daarmee hoop, maar we zijn er nog niet. Steun blijft van belang om werkgelegenheid zoveel mogelijk te behouden en werkgevers zoveel als mogelijk te helpen in deze moeilijke periode; in de hoop dat de situatie tegen de zomer rooskleuriger is dan nu.

Daarom is besloten de beoogde versobering van de NOW niet door te laten gaan en de vergoedingspercentages te verhogen vanaf 1 januari 2021.

Het loket om NOW 3.2 (tijdvak januari 2021 – maart 2021) aan te vragen, gaat naar verwachting 15 februari 2021 open tot en met 14 maart 2021.

NOW 3

Vanaf maart tot en met september 2020 zijn de NOW 1 en NOW 2 van kracht geweest. Per 1 oktober 2020 geldt NOW 3. Deze bestaat uit 3 tijdvakken van 3 maanden, tot 1 juli 2021. NOW 3 is onderdeel van een omvangrijk steun en herstelpakket waarin het kabinet onder andere ook geld beschikbaar stelt voor scholing en voor van-werk-naar-werk.

Aanbod vaste arbeidsomvang voor oproepkrachten

Via dit bericht willen we nogmaals de verplichting van werkgevers onder uw aandacht brengen dat oproepkrachten een aanbod voor een vaste arbeidsomvang moet worden gedaan.

Op 1 januari 2020 is de Wet arbeidsmarkt in balans in werking getreden. Als gevolg daarvan zijn werkgevers verplicht om aan werknemers, die werkzaam zijn op basis van een oproepovereenkomst, steeds als de arbeidsovereenkomst twaalf maanden heeft geduurd, een aanbod te doen voor een vaste arbeidsomvang die tenminste gelijk is aan de gemiddelde omvang van de arbeid als die in de voorafgaande periode van twaalf maanden. Op grond van bovengenoemde wet moeten werkgevers dit aanbod jaarlijks doen voor werknemers die tenminste twaalf maanden in dienst zijn als oproepkracht en 12 maanden na het vorige aanbod.

Indien de werkgever dat aanbod ten onrechte niet (tijdig) doet, heeft de werknemer recht op loon dat overeenkomt met de vaste arbeidsomvang die de werkgever had moeten aanbieden. Werkgevers doen er daarom goed aan om deze verplichting tot het doen van een aanbod voor een vaste arbeidsomvang jaarlijks te agenderen. Mochten de werknemers niet op het aanbod in gaan en oproepkracht willen blijven, dan dient u dit schriftelijk vast te leggen.

Avondklok als coronamaatregel

Vanaf 23 januari 2021 21:00 uur geldt landelijk de avondklok als maatregel om de verspreiding van het coronavirus in te dammen.

De avondklok loopt van 21:00 uur tot 04:30 uur.

Indien werknemers in het kader van hun werk reisbewegingen moeten maken gedurende de tijd van de avondklok dienen zij in het bezit te zijn van een “Werkgeversverklaring avondklok”.

De Rijksoverheid heeft hiervoor een formulier opgesteld dat door de werkgever ingevuld en ondertekend moet worden. Dit formulier is te downloaden van de website van de Rijksoverheid. Zoals gezegd moet de werknemer dit formulier bij zich hebben als hij gedurende de tijden van de avondklok van en naar het werk reist. Dit mag ook digitaal op telefoon of tablet.

€25.000 subsidie voor stimuleren van ontwikkelen in het MKB

Algemene informatie:

Ontwikkelingen in de samenleving, technologie en arbeidsmarkt zorgen dat we anders moeten gaan aankijken tegen scholing en ontwikkeling. Werkgevers die hun mensen in staat stellen zich continu te ontwikkelen, weten de beste mensen aan zich te binden en daar wordt hun bedrijf succesvoller van. Werknemers die zich continu blijven ontwikkelen, hebben een grotere kans op een succesvolle loopbaan met leuk werk en een goed inkomen. Met de SLIM-regeling wil de minister van SZW een leerrijke werkomgeving stimuleren in het mkb.

Klik op onderstaande link voor alle informatie over de SLIM-subsidieregeling.

Factsheet SLIM maart 2021

De fiscale aspecten van de coronamaatregelen in 2020

De coronacrisis heeft ervoor gezorgd dat 2020 voor veel ondernemers een turbulent (financieel) jaar is geworden. Verlies van klandizie en uitval van personeel hebben er toe geleidt dat deze ondernemers zware financiële klappen te verduren kregen. Om de ondernemers tegemoet te komen heeft de Rijksoverheid verschillende financiële regelingen geïntroduceerd.

Met de fiscale aangiftes 2020 in het vooruitzicht informeren wij je graag hoe de coronamaatregelen in de aangifte(n) inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting verwerkt dienen te worden. In dit artikel gaan wij in op de belangrijkste regelingen.

Tijdelijke overbruggingsmaatregel zelfstandig ondernemers (TOZO)

Sinds 1 maart 2020 kunnen zelfstandig ondernemers gebruik maken van de TOZO regeling. Door middel van deze regeling wordt een mogelijk inkomenstekort bij ondernemers aangevuld door middel van een uitkering van de gemeente, ook bestaat er de mogelijkheid om een lening te verkrijgen.

Indien in 2020 een TOZO-uitkering is ontvangen, dient deze als inkomsten uit vroegere arbeid op te worden genomen in de aangiftes inkomstenbelasting 2020. Heb je samen met je partner een uitkering ontvangen, dan krijgen jullie beide een jaaropgave voor 50% van de verstrekte uitkering.

Let op dat de TOZO-uitkering ook invloed heeft op de te ontvangen toeslagen over 2020! Geef mogelijke wijzigingen in het inkomen dan ook tijdig door bij de Belastingdienst of aan je relatiebeheerder.

Tijdelijke noodmaatregel overbrugging voor werkgelegenheid (NOW)

Indien ondernemers een substantieel omzetverlies (tenminste 20% in 2020) verwachten over een aangesloten periode van 3 maanden komen zij in aanmerking voor de NOW. Middels deze regeling kunnen werkgevers een tegemoetkoming voor de loonkosten krijgen.

De NOW subsidie kwalificeert als belaste omzet voor uw onderneming in de aangifte inkomstenbelasting/vennootschapsbelasting.

Tegemoetkoming ondernemers getroffen sectoren COVID-19 (TOGS)

Van 27 maart 2020 t/m 26 juni 2020 was het mogelijk voor ondernemers die directe schade ondervonden van de coronamaatregelen om een eenmalige tegemoetkoming van € 4.000 te ontvangen. Deze eenmalige tegemoetkoming is onbelast.

Tegemoetkoming vaste lasten (TVL)

De TVL is de regeling die in de plaats is getreden van de TOGS. Middels de TVL kunnen MKB-ondernemers en zelfstandigen bij omzetverlies een subsidie krijgen ter betaling van hun vaste lasten. Specifieke sectoren komen in aanmerking van een eenmalige opslag op deze subsidie. De TVL is net als de TOGS een belastingvrije tegemoetkoming, ook de eenmalige verhoging is onbelast.

Met de bovengenoemde informatie hopen wij een beknopte samenvatting van de fiscale gevolgen van de meest gebruikte coronamaatregelen te geven. Een aantal coronamaatregelen zijn onbenoemd gebleven in dit artikel, deze kunnen echter ook van invloed zijn op de belastingaangifte. Voor nadere informatie omtrent de coronamaatregelen en jouw persoonlijke situatie kun je contact opnemen met je relatiebeheerder.

Heb je in 2020 een TOZO ontvangen? Binnenkort beginnen de gemeentes met het verzenden van de jaaropgaves 2020. Lever ook deze jaaropgave bij ons aan ter voorbereiding van de aangifte inkomstenbelasting 2020.