Over jouw privé vermogen betaal je inkomstenbelasting indien jouw privé vermogen in 2023 hoger is dan de vrijstelling van € 57.000. Jouw privé vermogen bestaat uit onder andere bankrekeningen, beleggingen, cryptovaluta, onroerende zaken en wellicht nog andere vermogenscomponenten. Indien er ook schulden tot jouw privé vermogen behoren, dan mag je deze in box 3 in mindering brengen. In jouw aangiften inkomstenbelasting wordt de waarde van jouw privé vermogen per 1 januari van het betreffende jaar aangegeven in box 3. Aangezien de belastingheffing in box 3 komende jaren zal veranderen, willen wij de wijzigingen graag onder jouw aandacht brengen.
Vanaf 2017 tot en met 2022 rechtsherstel
Voorheen werden de bezittingen en schulden volgens de belastingwetten belast met het fictieve rendement. Dit gebeurde totdat het fictieve rendement hoger werd dan het werkelijke rendement. Dat geldt met name bij belastingplichtigen die voornamelijk alleen spaarrekeningen als vermogen aanhouden. Om die reden heeft De Hoge Raad bepaald dat het privé vermogen op een andere wijze belast moet worden in box 3. Vanaf 2017 tot en met 2022 wordt er een vergelijking gemaakt tussen de nieuwe berekening en de oorspronkelijke berekening. Als de nieuwe berekening lager uitvalt, dan wordt uitgegaan van de lagere berekening. Valt de nieuwe berekening hoger uit, dan blijft de oorspronkelijke berekening van toepassing.
Vanaf 2023 tot en met 2025 overbruggingswet
Vanaf 2023 tot en met 2025 geldt er één berekening en worden de bezittingen en de schulden op een andere wijze belast. Deze methodiek sluit meer aan op het werkelijke rendement. Het privé vermogen wordt onderverdeeld in de categorieën banktegoeden, overige bezittingen en schulden. Voor iedere categorie geldt een afzonderlijke rentepercentage. Daarnaast is in 2023 het tarief inkomstenbelasting verhoogd naar 32 % (in 2022 is het 31%) en is de eerder genoemde vrijstelling verhoogd naar € 57.000 per persoon. Bij banktegoeden wordt er gerekend met het gemiddelde van de maandelijkse rentepercentages op deposito’s, dit wordt na afloop van het betreffende jaar vastgesteld. Voor schulden geldt een vergelijkbare manier van vaststellen van rentepercentage. Op deze manier sluit het zoveel mogelijk aan bij het werkelijk, in dat jaar behaalde, rendement. Bij de overige bezittingen, te denken aan bijvoorbeeld beleggingen, crypto, vorderingen en onroerende zaken, is het rentepercentage vastgesteld aan de hand van het gemiddelde van de meerjarige rendementen. Voor het jaar 2023 is dat vastgesteld op 6,17%.