Meer handhaving op schijnzelfstandigheid
Het kabinet van Nederland gaat voor de zomer met verbeterde wetgeving komen om schijnzelfstandigheid tegen te gaan. De wetgeving zal veel duidelijkheid scheppen wie als zelfstandige wordt aangemerkt en wie niet aan de hand van rechterlijke uitspraken, in samenspraak met de polder. Minister Karien van Gennip (Sociale Zaken en Werkgelegenheid, CDA) komt volgend jaar met verbeterde wetgeving om schijnzelfstandigheid tegen te gaan. Het pakket aan maatregelen ter opvolging van de geflopte zzp-wet wil zij nog voor de zomer voorleggen ter consultatie. Uiterlijk begin 2024 gaat haar wetsvoorstel naar de Tweede Kamer.
Er is de afgelopen tijd vooruitgang geboekt met de juridische afbakening tussen werknemers en zzp’ers, schrijven Van Gennip en haar staatssecretaris Marnix van Rij (Fiscaliteit en Belastingdienst, CDA) vrijdag aan de Kamer. Het kabinet worstelt al jaren met het wettelijk regelen van de arbeidsrelatie. Wet DBA leidde bij de invoering in 2016 tot zo veel onzekerheid, dat de handhaving bijna meteen werd opgeschort.
Het aantal zelfstandigen is de afgelopen jaren alleen maar toegenomen. Nederland telt nu 1,2 miljoen zelfstandigen zonder personeel, een groei van 125.000 in een jaar tijd, blijkt uit de nieuwste CBS-cijfers. De groei zit bijna helemaal bij zzp’ers die niet een product maar hun eigen arbeid verkopen. Een kwart werkt in zorg- en welzijnsberoepen.
Het kabinet wil meer helderheid scheppen langs drie lijnen die uit recente rechterlijke uitspraken naar voren zijn gekomen: ‘materieel gezag’, ‘organisatorische inbedding’ en ‘zelfstandig ondernemerschap binnen een arbeidsrelatie’. Deze drie hoofdelementen uit de jurisprudentie zullen de komende tijd nog verder worden ingevuld in samenspraak met werkgevers, werkenden, koepels en brancheorganisaties.
Aan de onderkant van de arbeidsmarkt wil Van Gennip nog een extra maatregel invoeren om werkenden met een zwakke onderhandelingspositie te beschermen. Bij een laag uurtarief gaat een ‘rechtsvermoeden van een arbeidsovereenkomst’ gelden. Dat moet ertoe leiden dat laagbetaalde zzp’ers steviger in hun schoenen staan.
Per 1 januari 2025 loopt de opschorting van de handhaving van de huidige wet af en gaat de Belastingdienst weer volop optreden op basis van de nieuwe wet.
Wij geven je vier tips hoe je schijnzelfstandigheid kunt voorkomen.
- De belangrijkste en eerste tip die wij geven, stel een goede zzp-overeenkomst of zzp-contact (een zogenaamde overeenkomst van opdracht) op. Je legt hierin vast dat er geen sprake is van werkgeversgezag of loondienst.
- Ten tweede is het zaak dat de opdrachtgever geen leiding of toezicht houdt op de zzp’er ten aanzien van de uitvoering van de opdracht. De opdrachtgever heeft een probleem en de ZZP’er bepaalt hoe dat probleem opgelost moet worden. De opdrachtgever huurt de zzp’er in vanwege zijn expertise.
- Ten derde is het belangrijk om met opdrachten te werken in plaats van continu voor één opdrachtgever te werken en maandelijks een standaard factuur te sturen. Zo voorkom je dat het lijkt op een dienstverband.
- Tot slot vraag een gesprek aan met jouw relatiebeheerder van Lenssen Advies, zodat je alles conform wet- en regelgeving regelt en je zonder zorgen ZZP’ers in kunt huren.
Kortom
Als opdrachtgever is het belangrijk om op te letten dat je niet per ongeluk een schijnzelfstandigheidspositie creëert bij het inhuren van een zelfstandige. Als dit het geval is, word je door de overheid gezien als werkgever en dien je met terugwerkende kracht loonheffing te betalen. De uitbetaalde bedragen worden dan als netto loon behandeld. Voorts kan dit vervelende gevolgen hebben voor de zzp’er, waaronder het verlies van fiscale voordelen voor de zelfstandige. Ook als zelfstandige is het daarom belangrijk om goed op te letten en schijnzelfstandigheid te voorkomen.